Het belang van een juiste pH
Het desinfectieproces kan zich in zwembadwater alleen naar behoren afspelen bij een pH. die tussen 6.8 en 7.6 ligt. Bij een pH lager dan 6,8 zal uitgassing van het aanwezige chloor optreden met als ongewenst gevolg oogirritatie en chloorverlies. Bovendien zal het water dan zeer schadelijk worden voor de materialen waaruit het bassin en de apparatuur vervaardigd zijn. Met name voor de voegen in het bad en de metalen spiraal in de warmtewisselaar, zullen van een lage pH.(hoge zuurgraad) veel te lijden hebben. Bij een pH. hoger dan 7,6 kan de chemische reactie, waarbij chloor gebruikt wordt om eiwit te oxyderen aanmerkelijk worden afgeremd, er wordt dan te weinig HClO gevormd.
Meting van de pH (Zuurgraad)
Lakmoes is een stof die, bij verandering van pH. van kleur verandert. In een zuur milieu kleurt lakmoes rood, in een basisch milieu kleurt lakmoes blauw. (Rode kool met een scheutje azijn wordt mooi rood, omdat de rode kleur gevormd wordt door lakmoes).
Voor een nauwkeurige meting van de pH. wordt als indikatorstof meestal Rode Phenol genomen.
Bij de meetmethode van Palin, die gebruikt wordt voor bepaling van het vrij en het gebonden chloorgehalte, wordt aan een tweede watermonster een tablet rode phenol toegevoegd en wordt de verkleuring met een kleurschaal vergeleken. Op deze wijze is de pH nauwkeurig vast te stellen.
.