Qualityfreaks
Vorige
pagina
E-mailadres: info@saunastudie.nl
Saunastudie
Auteursrecht
Erik Bierenbroodspot 
Disclaimer
Vraag?

 

 

 

Studiecentrum.
Saunagebruik.
Saunabedrijven.
Opleidingen.
Vacatures.
Leveranciers.
Adverteren.
Nieuwsbrief.
Weer & verkeer.
Contact.

Direct zoeken in saunastudie.nl met Google. Voer uw zoekwoord in:

Stel een vraag over sauna
Nieuws.
Sitemap.
Gastenboek.
Qualityfreaks.

 

 

Training & opleiding

www.wellnessprofs.nl

De uitscheiding

Het uitscheidingsstelsel omvat de nieren, blaas en uri­newe­gen. Het uitscheidings­stelsel is belast met de af­voer van stoffen uit het lichaam. Soms wordt ook de huid hierbij ge­noemd omdat de huid ook vocht en zouten uit­scheidt in de vorm van zweet.
De nieren zijn twee boonvormige organen gelegen in de buik­holte. Zij scheiden afbraakproducten en overtollige stoffen uit. Een afbraakproduct dat ontstaat na eiwit­vertering is ureum. De nier haalt deze ureum uit het bloed. Overtollige stoffen zijn water, zouten, mineralen, maar ook bijvoor­beeld vitaminen.
Bij lichaamstemperatuurverhogingen zoal bij koorts en in de sauna weten velen dat de urine donker­der wordt. Dit komt doordat we bij 'koorts' veel vocht verliezen door verdam­ping via de huid. De vloeistof die we uitscheiden via de nieren wordt daardoor meer geconcentreerd en donker.
Elke nier bestaat uit ongeveer een miljoen nefronen die funge­ren als een actief filter. In een nefron zitten klu­wens uiterst fijne bloedvaatjes. Doordat bloed hierin gestuwd wordt, verlaten kleine elemen­ten zoals water, zouten, suiker en mineralen het bloed. Deze kleine ele­menten vormen de primai­re urine. Het grootste gedeelte van de primaire urine blijft dan nog over. Doordat er per dag 2000 liter bloed door de nieren moet stromen, zijn er grote slagaders en aders die van en naar de nieren lopen.
De filtratiefunctie van de nier wordt actief geregeld door hormonen. Het belang­rijkste hormoon, anti-diure­tisch hor­moon (ADH), wordt in de hypofyse gemaakt. Dit hormoon reageert op de osmotische waarde van het bloed.
Wanneer er een grote hoeveel­heid zouten en eiwitten in het bloed aanwe­zig is, wordt er veel ADH geproduceerd door de hypofyse. Daardoor wordt er veel water vastge­houden. Bij te veel water neemt de hoeveelheid ADH af en moet de mens meer plassen. Op deze wijze is er een con­stante verhouding tussen de hoeveelheid zouten en eiwit­ten enerzijds en water anderzijds. Het is van essen­tieel belang dat de samenstel­ling van de lichaams­vloei­stof constant blijft, omdat onze lichaamscel­len leven in dit waterige milieu en geringe afwijkingen al storin­gen in de processen geeft.
Naast de verhouding zout-water heeft ook de licha­melijke en psychische belasting effect op de hoe­veelheid ADH in het bloed, en dus op de bloeddruk. Overigens wordt de bloed­druk niet alleen bepaald door de hoeveelheid li­chaamsvocht. De nieren zelf maken het hormoon renine wanneer de druk in de arteriën daalt en treedt vaatver­nau­wing op waar­door de bloeddruk stijgt.
De urine uit de nier wordt verzameld in een nierbek­ken en naar de blaas getrans­por­teerd via de urine­leiders. Uit de beide urineleiders druppelt vrijwel continu vocht in de blaas, die een gevoel van 'aandrang' geeft als deze voor ongeveer 0,3 liter gevuld is. Onze blaas is groot genoeg om 0,7 liter urine te bevatten.

.

De uitscheiding