Qualityfreaks
Vorige
pagina
E-mailadres: info@saunastudie.nl
Saunastudie
Auteursrecht
Erik Bierenbroodspot 
Disclaimer
Vraag?

 

 

 

Studiecentrum.
Saunagebruik.
Saunabedrijven.
Opleidingen.
Vacatures.
Leveranciers.
Adverteren.
Nieuwsbrief.
Weer & verkeer.
Contact.

Direct zoeken in saunastudie.nl met Google. Voer uw zoekwoord in:

Stel een vraag over sauna
Nieuws.
Sitemap.
Gastenboek.
Qualityfreaks.

Coaching & management

www.qualityfreaks.biz

 

Centraal bestelsysteem:

www.saunawebshop.com

 

Training & opleiding

www.wellnessprofs.nl

PARADOXEREACTIE: Bij snelle opwarm­ingen, bijvoorbeeld bij het onder­dompelen in een warm bad, het betreden van een saunacabine of een sterke opgieting, kan de huid reageren alsof het koud is. Er kan kippenvel ontstaan en men kan zelfs gaan klappertanden. Door de plotselinge inwerking ontstaat er kennelijk een reflex waarbij het lijkt dat het lichaam zich vergist. Waarschijnlijk is het echter zo dat de huid probeert door verdikking van de Grenslaag* het lichaam tegen de grote warmte-inwerking te beschermen. Deze reactie is van korte duur en zeker niet gevaarlijk.

PERIFEREWEERSTAND: De weerstand in de bloedvaten die door de pompdruk van het hart moet worden overwonnen is in hoge mate afhankelijk van de fijne bloedvaatjes in de huid ("periferie".)  Door de sauna wordt, onder invloed van de warmte, het hele doorbloedingsysteem van de huid verwijd. De perifere weerstand blijkt daardoor met tot 40% kleiner, terwijl in de afkoelfase deze weerstand weer duidelijk toeneemt. Ondanks een verhoging van de hartfrequentie met 50%, blijkt de belasting van het hart, door de vermindering van de perifere weerstand, bij een op de juiste wijze genomen saunabad niet toe te nemen.

PERSPIRATIE: Het waterdampverlies door de huid terwijl men niet merkbaar zweet. Waterdeeltjes dringen door de bovenste huidlagen waarna ze verdampen. De hoeveel­heid vocht die op deze wijze het lichaam verlaat stijgt met de temperatuur en is omgekeerd evenredig met de luchtvochtigheid. Zonder te zweten verliest het lichaam op deze wijze een hoeveelheid water van ongeveer een halve liter, hetgeen neerkomt op een verdampingskoeling van 300 kilocalorieën. (via de ademhaling wordt nog een gelijke hoeveelheid water uitgescheiden)
PH: aanduiding van de zuurgraad. Schaal in getallen van 1 tot 13, waarbij "1" = extreem zuur (zuiver zoutzuur) en "13" extreem basisch (Natronloog)
Het pH-getal 7 staat voor neutraal. Water met pH7 is niet zuur maar ook niet basisch. De zuurgraad is een zeer belangrijk gegeven omdat tal van chemische en biologische processen van de zuurgraad afhankelijk zijn. Voor een juiste desinfectie van zwembadwater dient de pH net boven de "7" te liggen. Bij een te hoge pH wordt een zuur toegevoegd, bij een te lage pH kan deze verhoogd worden door het toevoegen van een pH verhogende stof, bijvoorbeeld soda of zuiveringszout.

RAMEN: (zie ook "Panoramasauna") In de saunawanden ingebouwde vensters, verstoren de warmte-uitstraling van het hout. Daar de warmtestraling direct door het glas naar buiten verdwijnt, zijn glazen ramen behoorlijke energiegebruikers. Ze moeten daarom óf niet ingebouwd óf zo klein mogelijk gelaten worden. Om verschil­lende redenen is het raadzaam om in de deur een raam in te bouwen of een geheel glazen deur te gebruiken. Dit voorkomt botsingen bij het verlaten van de saunacabine, is voor het personeel gemakkelijk om de cabine van buitenaf te kunnen controleren en kan problemen voorkomen bij mensen met engtevrees (claustrofobie)

ROOKSAUNA: Zie Savusauna.

RTG REGEL VAN VAN 'T HOFF :De reactiesnelheid van chemische reacties neemt van het twee tot viervoudige toe per 10 graden temperatuurstijging". Deze regel die in de chemie algemeen wordt toegepast, is ook van toepassing op het menselijke lichaam. Ook daar zijn opbouwende en energiegebruikende reacties in het weefsel min of meer temperatuurafhankelijk. In het onderkoelde weefsel (temperatuur lager dan 37 graden Celsius) is de stofwisse­ling duidelijk geremd. Bij schade door koude kunnen zelfs bevriezingsverschijnselen optreden. Bij hogere temperatuur neemt de stofwisseling toe, wat in de sauna duidelijk merkbaar is door een snellere hartslag en koortsverschijnselen, compleet met de aanmaak van afweerstoffen.

RUSSISCH-ROMEINSBAD: Een naar Russische gewoonte ingericht bad, stoombad met warme mist waarnaast een droog luchtbad waarvoor het Romeinse Caldarium (Sudatorium*) als voorbeeld genomen werd. Beide ruimten worden na elkaar gebruikt met tussen door een warmwaterbad waarin men zittend op een stenen bank verblijft. Tussendoor wordt vaak gebruik gemaakt van nazweetpakkingen. Een lange rustperiode op een rustbed sluit het ingrijpende bad af. Omdat het  bij deze badvorm tot een grote zweetafscheiding komt, wordt vaak gesproken van een zweetbad. De sfeer bij dit bad is duidelijk vochtiger en benauwder dan die bij het saunabad.

ROMEINS-IERS BAD: de naam is ont­staan nadat een Ierse arts, aan het eind van de negentiende eeuw  het in Ierland weer bekend maakte. Een prachtig en aan te raden Romeins- Iers bad  , bevindt zich in Baden-Baden, onder de naam "Kaisertherme" (Het bad is te vinden naast de "Carcalla-Therme" welke naam staat voor niets anders dan een tropisch zwemparadijs)

SANDWICHSAUNA: Sauna-cabine waar­in de wanden niet massief zijn, zoals bij een balkensauna, maar modulair zijn opgebouwd, met, van binnen naar buiten, de binnenbekleding van een geschikte houtsoort, een dampremmende laag uit Alumini­umfolie, de warmte-isolatielaag (meestal steenwol of kurk, nooit kunststofschuim!)en de buitenbekleding. Sauna’s met deze wandopbouw hebben een wat fellere warmte-uitstraling dan massieve balkencabines, door een juiste keuze van de wandschrootjes kan de warmte-uitstraling nog beïnvloed worden.

SAUNA: Volgens de internationaal aanvaarde definitie, "Een houten ruimte met banken op verschillende hoogte en een temperatuur, vlak onder het plafond gemeten van 80 tot 100 graden Celsius bij een relatieve luchtvochtigheid van 10 tot 20 %", te gebrui­ken door meerdere personen en uitgerust met houten banken op verschillende hoogten. De kachel dient zich in de ruimte te bevinden. " Iedere badvorm welke afwijkt van deze definitie mag geen sauna genoemd worden.

SAUNABAD: Een saunabad is een bad waarbij gebruik wordt gemaakt van de Finse saunatraditie. Het is een afwisseling van opwarmen in de houten saunacabine bij een temperatuur van 80 tot 100 graden, afkoelen met koude lucht en water en rustperio­den. Het saunabad heeft een zeer gunstige uitwerking op de stofwisseling, de bloedsomloop, de ademhaling en mogelijk ook op het hormoonsysteem. Het wordt door de meeste gebruikers als rustgevend en stressverminderend ervaren. Voor veel vaste saunagasten is het een uitgaansgelegenheid welke meerdere keren per week genomen kan worden. Saunagasten vindt men in alle leeftijden.

SAUNABANK: De banken in de saunacabine dienen te zijn uitgevoerd van hout met een slechte warmtegeleiding en een korte vezel, zo mogelijk zonder noesten en kwasten. Abachiehout is daarvoor de meest gebruikte houtsoort, het kan mooi glad geschuurd worden en geeft absoluut geen hars af. De banken moeten zijn uitgevoerd in latten met een tussenruimte van minstens 1 centimeter, dit is noodzakelijk om de afgekoelde lucht, met de ademhalingslucht, via de vrije convectie naar beneden te kunnen afvoeren en vandaar in het afvoerkanaal naar buiten te kunnen voeren. Het verschroeven van het hout in de banken dient altijd van onderen te geschieden wegens het gebruik van schoonmaakmiddelen worden roestvrije schroeven aanbevolen. Door de grote inwerking van warmte en droogte, afgewisseld met vocht bij het reinigen, ontstaat er in het hout een opmerkelijke trek en krimp. Het is daarom noodzakelijk om voor de banken uitsluitend eerste klas materiaal en het beste timmermansvakmanschap toe te passen. (Slechte banken kraken onaange­naam en als er iemand door een bank zakt, is de exploitant daarvoor waarschijnlijk verantwoordelijk !)Het dichtmaken van de banken om energie te besparen, zal de natuurlijke luchtstro­ming verstoren en heeft geen enkel besparingseffect omdat in de warme lucht nauwelijks energie is opgeslagen. (De soortelijke warmte van de extreem droge lucht in de sauna is oneindig klein)

SAUNACABINE: ( zie ook Sauna, Saunagang enzovoort) De houten cabine, ook wel genoemd "zweethok" "warm hok" "hok" of (verkeerd) "droge sauna" (een sauna is immers altijd droog!) Wat in de saunagang het warmste onderdeel vormt. In de meest oorspronkelijke vorm is de sauna uit massieve balken opgebouwd. Veel saunacabines worden volgens het sandwichprincipe opgebouwd.

SAUNACONGRES: Om de vier jaar wordt door de Internationale Saunavereniging een internationaal Saunacongres gehouden. Het eerste congres werd in 1956 in Bielefeld (Duitsland) georganiseerd. In 1986 was Utrecht de congresplaats, in 1991 Kyoto (Japan) Het congres van 1999 werd georganiseerd in Aken en was tevens bedoeld voor de viering van het vijftig jarig jubileum van de Deutscher Saunabund en het dertigja­rige bestaan van de Nederlandse Saunavereniging. (zie ook Internationale Saunavereninging)

SAUNADEUR: Een meestal houten deur welke in de regel uit meer lagen bestaat, welke door haar bouwwijze bestand is tegen de grote temperatuurverschillen tussen binnen en buiten. De afmetingen van de saunadeur mogen niet te groot zijn omdat er door een geopende deur veel warmte verdwijnt. De meest toegepaste deurmaat is 63 x 190 centimeter. In verband met de toevoer van verse lucht, wordt er bij de vloer vaak een spleet van 2 centimeter hoog opengelaten. Waar mogelijk dienen saunadeuren zonder drempel te worden uitgevoerd. Het is raadzaam om de saunadeur van een dranger te voorzien om het warmteverlies zoveel mogelijk te voorkomen. Een snap/, magneet, of pneumatische sluiting wordt vaak toegepast. Uit veiligheidsredenen dient de sluiting zo te worden uitgevoerd dat de deur gemakkelijk van binnenuit opengedrukt kan worden. De draairichting dient altijd naar buiten te zijn en de looprichting, zoveel mogelijk, in de richting van de saunakachel.

SAUNA-INSTITUUT: Commerciële instelling waar onder andere saunabaden worden aangeboden. Een sauna-instituut dient minimaal over de volgende voorzieningen te beschikken; kleedruimtes, toiletten, voorreinigingsdouche, warm voetenbad, Saunacabine, lucht­bad, afkoelslang, dompelbad, rustruimte (indien er in een rustruimte gerookt mag worden dient er ook een rustruimte voor niet rokers aanwezig te zijn. Het sauna-instituut kan naast bovenstaande, minimale, voorzieningen met ander voorzieningen uitgebreid worden. Eventueel zijn ook combinaties met bijv. hotels, sportscholen of schoonheidssalons mogelijk. Bij combinatie van een sauna met een sexbedrijf, mag volgens de regels van de Nederlandse Saunavereniging de naam "Sauna-instituut" niet gebruikt worden.

SAUNAGANG: De afloop van een saunabad, met alle rituelen, van warm voetenbad, via opwarmen en afkoelen tot en met de rustperiode. Tijdens het saunabad worden meestal meerdere saunagangen na elkaar genoten, eventueel afgewisseld met het stoombad of andere aanwezige baden.

SAUNAKACHEL:  Verwarming voor de saunacabine, oorspronkelijk bestaande uit een stapel natuurstenen waartussen een houtvuur, zonder schoorsteen (rook- of Savusau­na) Later werden in de sauna's gesloten houtkachels geplaatst met als voordelen, minder rook en stank, grotere brandveiligheid en minder brandstofverbruik. Elektri­sche saunakachels zijn gebruiks-vriendelijk omdat ze weinig onderhoud vergen en met een eenvoudige knopomdraai kunnen worden ingeschakeld. In verhouding met andere brandstoffen is elektriciteit echter duur (vier keer zo duur als aardgas)Gaskachels zijn uitermate geschikt voor commerciële sauna's omdat er een zeer grote hoeveelheid stenen gebruikt kan worden en er met oppervlaktetemperaturen gewerkt wordt die vergelijkbaar zijn met een houtkachel (bij elektrische kachels zijn de oppervlaktetemperaturen veel hoger) Een belangrijke maatstaf voor het beoordelen van het rendement is de temperatuur van de rookgassen. Hoe lager deze temperatuur hoe lager zal ook de gasrekening uitvallen. De rookgastemperaturen kunnen variëren van 60 tot meer dan 200 graden!

SAUNAKLIMAAT: Van de wezenlijke klimaatelementen,temperatuur, luchtvochtig-heid, warmtestraling, luchtdruk, wind, aërosol, worden in de saunacabine de eerste drie en meestal ook het aërosol, kunstmatig en bewust aangemaakt. In tegenstelling tot sommige in de fysiotherapie gebruikte "klimaatkamers", waar ook de luchtdruk gemanipuleerd kan worden, blijft in de opgewarmde sauna de luchtdruk gelijk aan die in de omgevingslucht. Het geringere absolute gehalte aan zuurstof en andere gassen (zie "verdunningsef­fect"*) wordt veroorzaakt door het verdwijnen van lucht wegens de uitzetting. Merkbare wind of tocht mogen in de sauna niet voorkomen omdat daarmee de grenslaag* op de huid verstoord wordt. De luchtbeweging mag niet boven 0,15 meter per seconde uitkomen. De temperatuur bedraagt 35 - 40 graden op vloerniveau tot  95 - 105 graden aan het plafond. De absolute luchtvochtigheid bedraagt 10 - 30 gram per kubieke meter. Tijdens de opgieting ontstaat een aërosol, dat wil zeggen dat het water zich als fijne waterdruppeltjes door de lucht gaat bewegen. Ook tot het saunaklimaat worden de verhoudingen in de andere ruimten welke bij de sauna behoren, gerekend. Zo is de ideale temperatuur in een afkoelruimte 18 - 20 graden en in een rustruimte rond de 25 graden. Aangezien in ruimten met een  verwarmd zwembad of warme douches een tempera­tuur heerst van meer dan 25 graden, kunnen deze ruimten eigenlijk niet ook voor de afkoeling gebruikt worden.

SAUNAMUSEUM: (Saunamusseet) openlucht-museum in Murame in de omgeving van de stad Yiväskulaa. In dit openluchtmuseum zijn diverse typen sauna's uit heel Finland bij elkaar gebracht en opnieuw opgebouwd. Onder andere is hier ook een werkend model van een echte holsauna.

SAUNAOVEN: Verkeerde (Duitse) benaming voor "Saunakachel" In principe dient  de Nederlandse benaming gebruikt te worden.

SAUNARONDJE: Zie Saunagang

SAUNATUIN: Een gezellige en natuurlijke aankleding van het luchtbad kan worden gevormd door de saunatuin, eventueel met terras, buitenzwembad vijvers en begroeiing. Voor de inkijk kan een dicht begroeide haag, een schutting of rietmatten dienen. Een mooie en ruime saunatuin kan commercieel zeer aantrekkelijk zijn, omdat daar in de zomer ook de zonaanbidders komen die anders mogelijk op het strand zouden liggen.

SAUNATYPE: en woordgebruik  De naam sauna kan met vele verbindingen voorkomen. Goede verbindingen geven een relatie met de echte Finse sauna aan, bijv; Openbare sauna, privé-sauna, binnensauna, inbouwsauna, sandwichsauna, balkensau­na, sportsauna ed Verkeerde benamingen worden gevormd in verbindingen welke niet in verband staan met de echte sauna (volgens de internationaal erkende definitie), bijv. Turkse sauna, stoomsauna, vochtige sauna, lauwe sauna, sexsauna ed Het woord sauna wordt ook, verkeerd, gebruikt voor zweetkasten, waar het hoofd buiten blijft of voor speciale afslankkleding, waarbinnen men flik kan zweten. Een op zich geaccepteerd gebruik van het woord sauna wordt gevormd door de verbinding met allerlei artikelen, zoals, saunagast, saunagebruiker, saunapersoneel,  sauna-deur, saunabank, sau­na(lig)doek, sauna-opgietmiddel, saunazeep, saunashampoo, saunareukstof ed Ook het woord "Infraroodsauna, voor een cabine met ingebouwde Infraroodstralers is verkeerd omdat zo'n cabine niet aan de definitie voor het woord "sauna" voldoet.

SAUNAVERENIGING: In Nederland zijn de openbare sauna's verenigd in de "Nederlandse Saunavereniging" deze organisatie komt op voor de belangen van haar leden in de ruimste betekenis. De Nederlandse Saunavereniging is op haar beurt weer lid van Internationale Saunavereniging (Saunaseura) welke gevestigd is in Vaskeniemi bij Helsinki. De "Deutscher Saunabund" is de organisatie van Duitse sauna's. Deze DSB heeft oorspronkelijk bij de organisatie in Nederland als voorbeeld gediend. Er bestaan saunavere­nigingen in diverse andere landen.

SAUNAVENTILATIE : Zie Ventilatie*

SAUNAVERLICHTING: Oorspronkelijke Finse saunacabines beschikten niet over een kunstmatige verlichting, hoogstens was er een kaars of petroleumlamp voor een klein venster geplaatst. Traditioneel moet het licht in een saunacabine schemerig zijn, zo donker moet het zijn dat men zijn plaats nog net kan vinden zo licht, dat ongevallen nog vermeden worden. Het schemerlicht versterkt het gevoel van ontspanning. In moderne sauna's is de verlichting meestal om praktische redenen wel wat meer dan hierboven omschreven

SAUNAVERWARMING: Zie Saunakachel

SAUNAWAND: (zie Sandwichsauna*)

SAUNAZWEET: In navolging van het wetenschappelijk onderscheid tussen "arbeidszweet" en "warmtezweet" waarbij de samenstelling enigszins verschillend is, is het woord "Saunazweet" ontstaan als bijzondere vorm van "hittezweet"Voor wetenschappelijk onderzoek aan Saunazweet bestaan verschillende methoden om het zweet te verzamelen; 1, het zweet dat op de zitdoek druppelt. 2, het zweet dat gevormd word binnen een folieomhulsel op de huid, waarbij het zweet door afschrapen in een speciaal flesje verzameld word. Ondanks het gebruik van lig/ en zitdoeken, is het niet te vermijden dat er ook zweet op de banken en de vloer terechtkomt. De vloer, ook onder de baken moet zo zijn uitgevoerd dat ze gemakkelijk gereinigd kan worden. Hierbij moet bedacht worden dat het zweet ook huidcellen, haren en talk bevat en de laag op de vloer een gemakkelijk broedplaats voor schimmels en bacteriën kan vormen. Dit geldt temeer omdat de saunavloer een temperatuur en luchtvochtigheid heeft welke als broedplaats voor ziektekiemen ideaal genoemd mag worden.

SAVUSAUNA: De oorspronkelijke sauna's in Finland werden met een houtvuur warmgestookt, waarbij de ruimte niet van een schoorsteen voorzien was. In de "Rook" of "Savusauna's" kwam de rook door de deur en de vensters naar buiten. De binnenzijde was daarom met roet bedekt. In Finland zijn van dit saunatype nog enkele in bedrijf, ze worden gebruikt door een aantal liefhebbers dat bij deze wijze van saunabaden blijft te zweren. In de saunacabine hangt een intensieve geur van roet en teer, de verbrandingsresten uit het hout. Wetenschappelijk onderzoek heeft in het roet op de wanden kankerver­wekkende stoffen aangetoond, waarmee de vraag zich oproept in hoeverre deze stoffen via de ademhaling kunnen worden opgenomen.

SCHOORSTEEN: Algemene benaming voor allerlei rookgasafvoeren, ook wanneer ze niet van steen zijn opgetrokken, maar bijvoorbeeld van dubbelwandige roestvrij stalen pijp. Aan de constructie van de schoorsteen moet grote aandacht besteedt worden omdat onoordeelkundige schoor-stenen brandgevaarlijk kunnen zijn
Planning van de schoorsteen dient altijd met de brandweer of een andere verantwoor­delijk functionaris te worden besproken. Ook kan het nuttig zijn om veranderingen aan de schoorsteen aan de brandverzeke­ring te melden. Bij verbranding van brandstoffen komen afvalstoffen in de vorm van roet en gas vrij. Deze afvalgassen mogen een bepaalde waarde niet overschrijden, de schoorsteen kan ook in hoge mate de kwaliteit van de verbranding beïnvloeden. Omdat er bij verbranding, vooral van gas, veel waterdamp vrijkomt dat in de schoorsteen kan condenseren, mag de temperatuur van de afvalgassen niet beneden een temperatuur van 80 graden komen. Een aftapmogelijkheid voor condens is in principe altijd noodzakelijk.
Gasgestookte saunakachels, die hun afvalgas in onderdruk, via een ventilator, afvoeren kunnen in bepaalde gevallen zonder schoorsteen gemonteerd worden.

SCHOORSTEENSAUNA: Een houtge-stookte sauna met een gesloten kachel en een rookgasafvoer noemt men "Schoorsteen-sauna". (zie ook Savusauna)

SEURA:Zie Internationale Saunavereniging

SLAAPBEVORDERING: Het saunabad heeft een stimulerende werking op de nervus Vagus.  Hierdoor zal het lichaam enige tijd na beëindiging van het saunabad geheel tot rust kunnen komen en zal men gemakkelijker in slaap vallen en zal de slaap over het algemeen ook dieper zijn dan wanneer men geen saunabad zou hebben genomen.

SODA: Natriumcabonaat, stof verkrijgbaar in kristal of poedervorm. Te gebruiken als schoonmaakmiddel met een pH verhogende werking. Zeer bruikbaar voor het schoonmaken van de zwembadranden. Omdat bij het gebruik van soda het koolzuurgehalte in het water toeneemt, heeft de stof een kwaliteitsverbeterende werking op de desinfectiekwaliteit van het badwater.

SPORTSAUNA: Het is bij veel sporten meer en meer gewoonte geworden om de sauna te gebruiken als middel om de conditie te verbeteren of in stand te houden. De sauna werkt in hoge mate vermoeidheidsverdrijvend door de ontspanning van de spieren en de afvoer van verbrandingsstoffen ( de afvoer van melkzuur kan spierpijn voorkomen. Bij de inrichting van een sauna als onderdeel van een sportinstituut dient men erop bedacht te zijn dat een luchtbad als een wezenlijk onderdeel van het saunabad gezien moet worden. Men kan daarom niet met enkel een saunacabine zonder meer volstaan.

STEENZWEETBAD: Een door prof. Mehl, bij zijn onderzoek naar diverse badmogelijkheden ingevoerde aanduiding voor baden waarbij de warmte in stenen wordt opgeslagen en waarbij een dampstoot ontstaat door overgieting van deze stenen met water. De sauna voldoet aan deze benaming, maar ook de Zweet-tipi van de indianen en de Banja in Rusland. Deze badvormen komen zeer verbreid over de gehele wereld voor. Historische steenzweetbaden zijn gevonden in het oude Rome, maar ook bij opgravingen bij de oorspronkelijke bewoners van Amerika en Korea

STOFWISSELING: Het geheel van processen waarbij voedingsstoffen en zuurstof in het lichaam worden gebruikt en omgezet in energie en weefselopbouw. Aangezien bij de stofwisseling warmte vrijkomt, kan deze in "Calorieën" worden uitgedrukt. Vaak wordt de benodigde Calorieën overschat. Dit vooral omdat voor de meeste werkzaamheden niet meer zoveel energie gebruikt wordt als in vroegere tijden. Een kenmerk van de sauna is dat tijdens het verblijf in de warme ruimte, de stofwis­seling bijna tot nul gereduceerd word. In de sauna wordt immers geen arbeid verricht en wordt er extra energie naar het lichaam toegevoerd.

STOOMBAD: De moderne uitvoering van het Caldarium uit het antieke Rome en ook van de Hammam van de moslims. Zowel het Caldarium als de Hammam kenmerken zich door een lagere relatievevochtigheid dan het moderne stoombad. (Er hangt meestal geen mist zoals in onze moderne stoombaden)De relatieve vochtigheid bedraagt 100% terwijl er bij een temperatuur van 50 graden een dichte mist aanwezig.  De warmteoverdracht, zowel aan de lucht als aan de huid, vindt vooral plaats door condensatie* (condensatiewarmte*)
SIFON: Systeem om in vloerputten en baduitlopen te verhinderen dat rioolstank in het gebouw kan komen. Het systeem werkt met een zgn waterslot, waarbij de afvoerbuis of het putje altijd met een hoeveelheid water van het riool gescheiden blijft. In saunacabines kan het toepassen van een sifon onpraktisch zijn, omdat door de hoge temperatuur en de lage luchtvochtigheid het water in de sifon zal verdampen. Sifons dienen regelma­tig (dagelijks) van haren en andere verontreinigingen te worden ontdaan. Het is doelmatig om de putjes iedere avond met bleekmiddel te ontsmetten.

.
Sauna-
Encyclopedie 
P/Q/R/S
w x y z.
t u v.
p q r s.
m n o.
j k l.
a b c.
d e f .
g h i.